Hoarding ofwel verzameldwang, volgens de cijfers heeft 2 tot 6% van de bevolking een hoarding disorder. Dit zijn mensen die een grote emotionele waarde aan hun spullen hechten. Door veel spullen te vergaren en van weinig tot niks afstand te doen zorgt dat huizen soms uit hun voegen barsten. Mensen die hier last van hebben worden soms aangeduid als ‘hoarders’. Zelf heb ik wat moeite met die naam, mensen met een depressie noemen we ook geen depressievelingen. Het klinkt wat respectloos. Hoarding lijkt een heel nieuw fenomeen maar is dat zeker niet. In de goddelijke komedie uit de 14e eeuw worden problematische verzamelaars ook al genoemd. Het nieuwe is waarschijnlijk wel dat het meer zichtbaar is geworden door programma’s, zoals bijvoorbeeld mijn leven in puin. Pas sinds de laatste DSM (V) is hoarding als een aparte psychische aandoening geclassificeerd. Tot nu werden mensen die last hebben van verzameldwang geclassificeerd als ocd (obsessief compulsief) een groot en wezenlijk verschil is dat mensen die ocd zijn dit als een handicap ervaren. Mensen die hoarden zien dat vaak helemaal niet zo, problemen omtrent het verzamelen komt meestal vanuit de omgeving en niet vanuit de persoon zelf. De tuin staat te vol, het is brandgevaarlijk, de buren zijn bang voor ongedierte, allemaal redenen waarom buren, familie, verhuurders willen dat er ingegrepen wordt. Ik hoop dat men zich realiseert dat de persoon in kwestie hier echt heel weinig aan kan doen. Net als een alcoholist die zijn hele leven vast zit aan een verslaving. Het moment dat ik het als een serieuze ziekte zag, was toen een moeder de keuze kreeg tussen haar kind en haar troep, ze koos voor haar troep. Hartverscheurend voor iedereen. Wanneer overschrijd je de grens van verzamelen naar problematisch verzamelen? Dat is lastig, of niet. Een verzamelaar zorgt graag goed voor zijn verzameling, exposeert deze ook graag. De hamsteraar (hoarder) heeft geen ruimte om te exposeren, kan ook niet meer alle ruimtes in huis gebruiken waarvoor het bedoelt is. Zoals douchen in de badkamer of koken in de keuken, daarnaast heeft het invloed op zijn of haar (de meeste hamsteraars zijn vrouw!) sociale leven of carrière. En vergis je niet, niet elk vol huis behoort bij een hamsteraar. Ik kom regelmatig bij mensen waarbij de woningen wel overvol zijn maar zij verder geen extra belemmeringen ervaren bij het weg doen van bezittingen. Dit zijn dan ook geen hamsteraars, al worden ze soms wel zo genoemd, de redenen waarom de spullen hen boven het hoofd gegroeid zijn, zijn ontelbaar. Bij hamsteraars is het vaak een traumatisch verlies die het verzamelen nog extra heeft getriggerd. Dit kan gaan om een verlies van baan, een ledemaat, geliefde of noem het maar op. Het vergaren en bezitten van spullen geeft hen een veilig en goed gevoel.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Back to top